Wat is een scheefstandsmeting?
Een scheefstandsmeting legt vast hoe ver en in welke richting een gevel, wand of kozijnstijl afwijkt van de verticaal. Het is een verzamelnaam: er zijn meerdere manieren om tot dat antwoord te komen.
Een scheefstandsmeting maakt van het gevoel dat een huis "scheef staat" een vastgelegd gegeven: welke gevel wijkt af, op welke hoogte, hoeveel en naar welke kant. Zo kun je delen van de woning vergelijken en later opnieuw meten.
Op deze pagina krijg je een overzicht van de mogelijkheden. De techniek van het meten met een lood of laser zelf staat uitgebreid beschreven op de pagina over loodmeting. Wil je eerst weten wat scheefstand als verschijnsel betekent en welke oorzaken het kan hebben, lees dan het artikel over scheefstand.
Een gevel of wand staat te lood als hij zuiver verticaal staat. Een afwijking van het lood heet scheefstand; de richting wordt bijvoorbeeld omschreven als voorover, achterover of naar links of rechts.
Bekijk meer begrippen in de begrippenlijstWelke manieren zijn er om scheefstand vast te stellen?
Grofweg zijn er drie routes: gerichte observatie, een directe loodmeting en het afleiden van kanteling uit gemeten hoogteverschillen. Ze vullen elkaar aan.
Observatie
Een inspecteur kijkt langs gevellijnen, goten, kozijnen en voegen en vergelijkt de woning met de buren. Observatie is snel en geeft richting, maar levert geen vastgelegde maat op.
Loodmeting
Bij een loodmeting wordt de afwijking ten opzichte van de verticaal direct gemeten, op meerdere hoogtes en plekken. Vroeger gebeurde dat met een schietlood, tegenwoordig vaak met een (laser)meetinstrument. Het resultaat is een vastgelegde afwijking met richting per meetpunt.
Afleiden uit hoogteverschillen
Als een lintvoeg of vloer aan één kant lager ligt dan aan de andere, kan dat erop wijzen dat een deel van de woning gekanteld is. Door hoogtes te meten met een lintvoegwaterpassing of vloerveldwaterpassing ontstaat een beeld dat de loodmeting ondersteunt of juist nuanceert.
Wat wordt er bij een scheefstandsmeting vastgelegd?
Per meetpunt worden de plek, de hoogte, de grootte van de afwijking en de richting genoteerd, zodat een samenhangend beeld van de gevel ontstaat.
- Locatie
- Welke gevel of wand, en waar precies: bij een hoek, naast een kozijn of midden in het vlak.
- Hoogte
- Op welke hoogte gemeten is; door op meerdere hoogtes te meten zie je of de afwijking gelijkmatig verloopt of ergens een knik heeft.
- Afwijking
- Hoeveel de gevel op dat punt van de verticaal afwijkt.
- Richting
- Voorover, achterover of zijwaarts; de richting zegt vaak meer dan de grootte alleen.
Juist de combinatie van punten is waardevol. Een gevel die onderaan recht staat en bovenin uitbuigt, vraagt om een andere verklaring dan een gevel die over de volle hoogte gelijkmatig helt.
Hoe wordt scheefstand in de praktijk gemeten?
Een meting begint met kijken, gaat via het kiezen van representatieve meetpunten naar het meten zelf en eindigt met vastleggen en duiden in samenhang met andere waarnemingen.
- VerkennenDe gevels worden eerst visueel beoordeeld om te zien waar afwijkingen zichtbaar of te verwachten zijn.
- Meetpunten kiezenEr worden punten gekozen op hoeken, langs kozijnstijlen en in het gevelvlak, op meerdere hoogtes waar dat bereikbaar is.
- MetenMet een lood of (laser)meetinstrument wordt per punt de afwijking ten opzichte van de verticaal bepaald.
- VastleggenAfwijking en richting worden genoteerd op een schets of tekening van de gevel, met foto's van de meetlocaties.
- DuidenDe uitkomsten worden vergeleken met hoogtemetingen, scheurpatronen en de bouwgeschiedenis van de woning.
Wanneer kies je welke methode?
Observatie volstaat om te bepalen of nader onderzoek zinvol is; een loodmeting is nodig als je de scheefstand wilt vastleggen; hoogtemetingen helpen om te begrijpen waar de kanteling vandaan komt.
| Vraag | Passende aanpak |
|---|---|
| Staat de gevel zichtbaar scheef? | Gerichte observatie tijdens een visuele inspectie |
| Hoeveel en in welke richting wijkt de gevel af? | Loodmeting op meerdere hoogtes en plekken |
| Is de gevel gekanteld doordat een deel lager ligt? | Lintvoeg- of vloerveldwaterpassing, in combinatie met de loodmeting |
| Gaat de scheefstand nog verder? | Herhaalmeting over een langere periode (zettingsmeting en monitoring) |
In de praktijk worden deze routes gecombineerd: een loodmeting zonder hoogtemeting laat open of de gevel kantelt door ongelijke zakking of doordat het metselwerk uitbuigt.
Wat kan een scheefstandsmeting wel en niet aantonen?
Een scheefstandsmeting toont hoe de gevel er nu bij staat, maar niet waarom en niet of de beweging nog doorgaat.
Wel
- Welke gevels of wanden uit het lood staan
- De richting van de afwijking per meetpunt
- Of de afwijking gelijkmatig is of een knik vertoont
- Een vastgelegde uitgangssituatie voor latere herhaling
Niet
- De oorzaak van de scheefstand
- Of de woning nog beweegt (één meting is een momentopname)
- De staat van palen, hout of fundering onder de grond
- Of de gevel destijds wel te lood is gebouwd
Gevels zijn niet altijd perfect te lood gemetseld en uitbuiging kan andere oorzaken hebben dan de fundering.
Hoe past scheefstandsmeting binnen fase 0 en fase 1?
In fase 0 wordt scheefstand visueel beoordeeld; een gemeten scheefstand met lood of laser hoort bij fase 1.
Tijdens een fase 0 funderingsonderzoek kijkt de inspecteur onder meer naar scheefstand van gevels, kozijnen en deuren. Geeft dat aanleiding, dan kan het advies zijn om in fase 1 te meten. De loodmeting is daar één van de funderingsmetingen, naast lintvoegwaterpassing, vloerveldwaterpassing en het vastleggen van scheurpatronen.
Een losse scheefstandsmeting heeft geen eigen prijs; de kosten van fase 1 hangen af van welke metingen nodig zijn en worden vooraf afgestemd. Zie ook prijzen.
Voorbeeld: een voorgevel die naar voren lijkt te hellen
Een vermoeden van scheefstand wordt pas betekenisvol als het gemeten en naast andere gegevens gelegd wordt.
Stel: de bewoners van een vooroorlogse rijwoning zien dat hun voorgevel ten opzichte van de buren iets naar voren lijkt te staan. De quickscan bevestigt dat als aandachtspunt, samen met diagonale scheuren boven de voordeur. In fase 1 laat een loodmeting zien dat de voorgevel over de volle hoogte voorover helt, terwijl de achtergevel nagenoeg recht staat. Een lintvoegwaterpassing langs dezelfde gevel laat zien of de hoeken op gelijke hoogte liggen. Pas die combinatie maakt duidelijk of het om de gevel zelf gaat of om een woning die aan de voorzijde anders zakt. Meer over de symptomen lees je op de pagina scheefstand van een woning.
