Wat is scheefstand van een woning?
Scheefstand is de afwijking van een gevel, wand of gebouw ten opzichte van het verticaal. Een woning kan voorover, achterover of opzij hellen, als geheel of alleen in een deel.
Een nieuw gebouwde muur hoort in principe te lood te staan: recht omhoog, zonder te hellen. In de loop van de tijd kan daar verandering in komen. Zakt de fundering aan de voorzijde meer dan aan de achterzijde, dan kan de voorgevel naar voren gaan hellen. Zakt één hoek meer dan de rest, dan kan een zijgevel scheef gaan staan. Soms helt een woning als geheel, soms vervormt alleen een deel.
Scheefstand op zichzelf is niet altijd een probleem. Een woning die decennia geleden een beetje is gaan hellen en sindsdien stabiel is, kan prima functioneren. Het wordt pas een aandachtspunt als de scheefstand toeneemt, als hij gepaard gaat met andere signalen of als hij verschilt tussen delen van de woning. Een kort overzicht vind je ook in het kennisbankartikel over scheefstand.
Waar zie je scheefstand aan een woning?
Scheefstand valt vaak op bij gevels die niet evenwijdig lopen aan de buren, kozijnen die niet meer haaks zijn, deuren die vanzelf open- of dichtvallen en kieren tussen vloer en plint.
Van buitenaf
- Een gevel die ten opzichte van de buurwoning naar voren of achteren helt
- Een scheve naad tussen twee aaneengebouwde woningen
- Kozijnen die niet meer recht in de gevel staan
- Een dakrand of goot die zichtbaar afloopt
- Een schoorsteen die uit het lood lijkt te staan
Van binnenuit
- Deuren die uit zichzelf open- of dichtdraaien
- Kieren tussen plint en vloer of tussen wand en plafond
- Kasten die tegen de muur gaan wijken
- Een knikker of bal die over de vloer wegrolt
- Scheuren in de hoeken van binnenmuren
Je oog kan je overigens bedriegen. Bij smalle straten of geveldecoraties lijkt een gevel soms scheef terwijl hij dat niet is, en andersom. Een eenvoudige waterpas of een lang touw met een gewichtje geeft al een eerste indruk, maar zegt nog niets over de oorzaak of over de vraag of de scheefstand toeneemt.
Wat zijn mogelijke oorzaken van scheefstand?
Scheefstand kan ontstaan door ongelijke zakking van de fundering, door een wisselende bodem of door aantasting van houten palen. Maar het kan ook een bouwkundige of historische oorzaak hebben: sommige oude gevels zijn nooit helemaal te lood gebouwd.
Ongelijke zakking
De meest besproken oorzaak is ongelijke zakking. Als de fundering aan de ene kant van een gevel meer zakt dan aan de andere kant, gaat de gevel hellen. Dat kan komen door de bodem, bijvoorbeeld veen dat inklinkt of klei die krimpt, of door de fundering zelf, zoals houten palen die zijn aangetast nadat ze droog kwamen te staan. Lees meer over verzakking van een woning.
Bouwkundige en historische oorzaken
Niet iedere scheve gevel is later scheef gaan staan. In vroegere eeuwen werd met andere technieken en minder nauwkeurige middelen gebouwd. Sommige gevels zijn daardoor nooit helemaal te lood gemetseld. Bij zulke woningen zegt de scheefstand weinig over de huidige staat van de fundering. Dat onderscheid kun je alleen maken met onderzoek dat ook naar de bouwgeschiedenis kijkt.
De Oldehove in Leeuwarden begon in de 16e eeuw al tijdens de bouw scheef te zakken en is nooit afgebouwd. Het laat zien dat scheefstand op een zachte ondergrond al heel lang een rol speelt in het werkgebied, en dat scheefstand soms al tijdens de bouw is ontstaan.
Overige oorzaken
Ook verbouwingen kunnen scheefstand veroorzaken, bijvoorbeeld als een dragende muur is verwijderd of als er extra gewicht op één deel van de woning is gekomen. Daarnaast kan een binnenmuur of vloer scheef lijken door een doorgebogen houten balklaag, zonder dat de fundering daarbij betrokken is.
Hoe wordt scheefstand gemeten?
Scheefstand wordt gemeten met een loodmeting, waarbij de afwijking van gevels en wanden ten opzichte van het verticaal wordt bepaald. Die meting maakt deel uit van fase 1 funderingsonderzoek, vaak in combinatie met een lintvoegwaterpassing.
Bij een fase 0 Quick Scan wordt scheefstand visueel beoordeeld als onderdeel van de inspectie. Dat geeft een eerste indruk, maar nog geen meting. Geeft de quickscan daar aanleiding toe, dan kan fase 1 volgen. Daarin wordt onder meer een scheefstandsmeting of loodmeting uitgevoerd.
- Loodmeting
- Meet hoeveel gevels en wanden afwijken van het verticaal, op verschillende plekken van de woning.
- Lintvoegwaterpassing
- Meet hoogteverschillen in een doorlopende horizontale voeg. Samen met de loodmeting laat dit zien of scheefstand samenhangt met ongelijke zakking.
- Vloerveldwaterpassing
- Een raster van hoogtemetingen op de begane grondvloer, waarmee zichtbaar wordt of de vloer meehelt.
Het is juist de combinatie van metingen die waardevol is. Een gevel die scheef staat terwijl de lintvoeg nog vrijwel waterpas ligt, wijst eerder op een historische of bouwkundige oorzaak. Gaan scheefstand en hoogteverschillen in de lintvoeg samen, dan past dat beter bij ongelijke zakking. De interpretatie hangt altijd af van de woning. Meer over de verschillende metingen lees je op de pagina funderingsmetingen.
Waarom verschilt scheefstand tussen aaneengebouwde woningen?
Aaneengebouwde woningen kunnen elk een eigen funderingsgeschiedenis hebben, bijvoorbeeld door herstel bij een buurwoning of een verschil in bodem. Daardoor kan de ene woning in een rij meer hellen dan de andere.
In een rij vooroorlogse woningen lijkt het logisch dat alle huizen op dezelfde manier zijn gefundeerd en zich dus ook hetzelfde gedragen. In de praktijk is dat niet altijd zo. De bodem kan binnen korte afstand verschillen, bijvoorbeeld als er vroeger een sloot of greppel onder een deel van de rij heeft gelegen. Ook kan een buurwoning al eens funderingsherstel hebben gehad, waardoor die woning niet meer meebeweegt met de rest.
Op de grens tussen twee woningen ontstaat dan een verschil in beweging. Je ziet dat soms aan een scheve naad tussen de gevels, aan scheuren in de bouwmuur of aan een dakrand die op de overgang een knik maakt. Zo’n verschil betekent niet automatisch dat jouw woning een probleem heeft, maar het is wel een signaal dat de moeite waard is om mee te nemen in een beoordeling.
Vraag je buren of er bij hen ooit funderingsonderzoek of herstel is uitgevoerd. Die informatie kan een specialist helpen om de situatie in jouw woning beter te duiden.
Wanneer is onderzoek naar scheefstand verstandig?
Onderzoek kan verstandig zijn als de scheefstand lijkt toe te nemen, als hij samengaat met scheuren, klemmende deuren of scheve vloeren, of als je een oudere woning wilt kopen en wilt weten wat de scheefstand betekent.
- De scheefstand lijkt de afgelopen jaren groter te zijn geworden.
- Er zijn diagonale of trapvormige scheuren in de gevel. Lees ook over scheuren in de gevel.
- Meerdere deuren en ramen gaan klemmen of vallen vanzelf open en dicht.
- De woning helt anders dan de buurwoningen.
- Je overweegt een aankoop en wilt weten of de scheefstand een risico vormt.
Een quickscan is meestal de eerste stap. Daarin worden archief- en bodemgegevens gecombineerd met een visuele inspectie, en je krijgt normaal gesproken binnen 2 werkdagen na de inspectie een rapport met advies. Fase 0 kost vanaf €350 inclusief btw, afhankelijk van de woning. Fase 1 met metingen kost vanaf €950 en volgt in de regel als fase 0 daar aanleiding voor geeft.
Twijfel je of onderzoek zinvol is? Doe dan eerst de online funderingscheck of vraag direct een funderingsscan aan.
