Wat is fase 1 funderingsonderzoek?
Fase 1 is een meetonderzoek aan de woning waarmee hoogteverschillen, scheefstand en scheurpatronen objectief worden vastgelegd. Het bouwt voort op de bevindingen uit fase 0 en geeft meer houvast dan een visuele beoordeling alleen.
In fase 0 kijkt een inspecteur naar de woning, de omgeving en de beschikbare archiefgegevens. Dat levert een onderbouwde risico-inschatting op, maar het blijft een beoordeling op basis van wat zichtbaar en bekend is. Soms is dat beeld duidelijk genoeg. In andere gevallen blijven er vragen over: is die scheur in de zijgevel een teken van ongelijke zakking, of heeft hij een andere oorzaak? Helt de achtergevel echt, of lijkt dat alleen zo door een kozijn dat altijd al scheef zat?
Fase 1 is bedoeld om zulke vragen met metingen te onderbouwen. In plaats van “het lijkt erop dat” komt er een vastgelegd beeld van hoe de woning er op dit moment bij staat. Daarmee brengen we de huidige scheefstand, hoogteverschillen en andere afwijkingen in beeld en beoordelen we of er aanwijzingen zijn voor ongelijkmatige zetting. Of een woning nog beweegt, blijkt pas uit herhaalde metingen (monitoring). Het onderzoek is net als fase 0 niet-destructief: er wordt niet gegraven, niet gesloopt en er worden geen funderingsdelen vrijgelegd. De metingen vinden plaats aan de buitenkant en binnenin de woning, op plekken die zonder ingrijpen bereikbaar zijn.
Belangrijk om te weten: fase 1 is geen standaardpakket dat iedereen afneemt. MV Funderingsscan adviseert het alleen als de uitkomst van fase 0 daar aanleiding voor geeft. Daardoor betaal je niet voor metingen die in jouw situatie weinig toevoegen. Meer achtergrond over de verschillen lees je in het artikel over het verschil tussen fase 0 en fase 1.
Wanneer is fase 1 zinvol?
Fase 1 is zinvol als fase 0 signalen oplevert die op ongelijke zakking kunnen wijzen, maar die visueel niet goed genoeg te duiden zijn. Het advies daarvoor staat in het rapport van de Quick Scan.
Er is geen vaste lijst van situaties waarin fase 1 altijd nodig is; het hangt af van de combinatie van signalen en de kenmerken van de woning. Toch zijn er patronen die vaak terugkomen in het advies om verder te meten:
- Scheuren in het metselwerk met een verloop dat op beweging van de fundering kan wijzen, bijvoorbeeld diagonaal of trapvormig.
- Een gevel of wand die zichtbaar uit het lood lijkt te staan, waarbij niet duidelijk is of dat later is ontstaan.
- Vloeren die merkbaar aflopen, in combinatie met klemmende deuren of ramen.
- Een woning van vóór circa 1970 op een ondergrond met veen of klei, waar meerdere van deze signalen samenkomen.
- Een taxatie waarbij aanvullend funderingsonderzoek wordt gevraagd, bijvoorbeeld bij risicoklasse D of E in het funderingsrisicorapport.
Bij dat laatste punt geldt: sinds 1 april 2026 neemt de taxateur de KCAF-risicoklasse (A t/m E) op in het taxatierapport. Valt de woning in klasse D of E, dan moet volgens het NRVT in principe eerst een aanvullend (beperkt) funderingsonderzoek plaatsvinden voordat de taxatie kan worden afgerond. Of fase 1 in jouw geval volstaat, stem je het beste af met je taxateur of geldverstrekker. Op de pagina funderingsonderzoek en taxatie lees je hoe dat in elkaar zit.
Wil je eerst voor jezelf nagaan of je woning signalen vertoont? Het artikel wanneer fase 1? zet de afwegingen op een rij.
Waarom kiezen voor fase 1 in plaats van direct verder?
Fase 1 geeft met metingen meer inzicht in hoe de woning er nu bij staat, voordat je beslist over duurder en ingrijpender vervolgonderzoek. Zo voorkom je dat je te snel of juist te laat stappen zet.
Wie een scheur ziet of een negatief signaal krijgt, wil vaak meteen weten “hoe erg het is”. De verleiding is groot om direct te laten graven of een herstelofferte op te vragen. Dat is lang niet altijd nodig, en het is ook een flinke stap. Een inspectieput of herstelplan kost meer tijd en geld en is ingrijpender voor de woning.
Fase 1 zit daartussen. Je krijgt een objectiever beeld zonder dat er iets aan de woning verandert. Dat helpt op meerdere manieren:
Beter onderbouwd besluiten
Metingen laten zien of hoogteverschillen een samenhangend patroon vormen of op zichzelf staan.
Gericht vervolg
Als nader onderzoek nodig is, weet je beter waar dat het meest zinvol is.
Vastgelegde nulmeting
De meetgegevens kunnen later dienen als vergelijkingspunt bij monitoring.
Omdat MV Funderingsscan zelf geen funderingsherstel uitvoert, is er geen belang bij een bepaalde uitkomst. Het doel is een eerlijk beeld, ook als dat betekent dat er geen reden is om verder te gaan.
Welke metingen horen bij fase 1?
Fase 1 bestaat uit lintvoegwaterpassing, scheefstandsmeting en loodmeting, vloerveldwaterpassing, het vastleggen en duiden van scheurpatronen en waar nodig aanvullende inspecties. Welke onderdelen worden ingezet, hangt af van de woning en de vragen uit fase 0.
Niet elke woning vraagt om exact dezelfde metingen. Bij de offerte wordt afgestemd wat in jouw situatie zinvol is. Hieronder lees je per onderdeel wat het inhoudt. Een uitgebreidere uitleg voor leken vind je op de pagina funderingsmetingen.
Lintvoegwaterpassing
Een lintvoeg is een doorlopende horizontale metselvoeg die bij de bouw (vrijwel) waterpas is gemetseld. Door de hoogte van zo’n voeg op verschillende punten langs de gevels te meten, wordt zichtbaar of de woning ergens meer is gezakt dan elders. Gelijkmatige zakking is meestal minder schadelijk; juist de verschillen tussen meetpunten zeggen iets over mogelijke ongelijke zetting.
Scheefstandsmeting
Bij een scheefstandsmeting wordt bekeken in welke mate de woning als geheel, of een deel ervan, uit het lood staat. Dat helpt om te beoordelen of een scheve indruk van buitenaf terug te zien is in metingen, en in welke richting een eventuele helling loopt.
Loodmeting
Een loodmeting legt de afwijking van gevels en wanden ten opzichte van de verticaal vast. Door op meerdere plekken te meten, ontstaat een beeld van welke delen afwijken en of dat past bij het patroon uit de lintvoegwaterpassing. Lees meer over dit verschijnsel op de pagina scheefstand van een woning.
Vloerveldwaterpassing
Bij een vloerveldwaterpassing wordt een raster van hoogtemetingen op de begane grondvloer uitgevoerd. Zo zie je of de vloer naar een bepaalde kant afloopt en of dat aansluit bij wat de gevelmetingen laten zien. Houd er rekening mee dat een vloer ook om andere redenen ongelijk kan liggen, bijvoorbeeld door de constructie van de vloer zelf.
Scheurpatronen vastleggen en duiden
Scheuren worden gefotografeerd, beschreven en in hun samenhang bekeken. Verticale, horizontale, diagonale en trapvormige scheuren kunnen elk verschillende oorzaken hebben. Het patroon, de plek, de breedte en de combinatie met andere signalen bepalen hoe een scheur te duiden is. Niet iedere scheur wijst op funderingsproblemen: krimp, temperatuurwerking, roestende lateien of een aanbouw met een eigen fundering kunnen ook een rol spelen. Achtergrond vind je bij scheuren in de gevel.
Aanvullende inspecties
Waar nodig wordt een onderdeel nader bekeken, bijvoorbeeld een specifieke gevel, de aansluiting met een aanbouw of een deel van de kruipruimte dat in fase 0 minder goed te beoordelen was. Ook dit gebeurt zonder graafwerk of sloop.
Wat levert fase 1 op?
Fase 1 levert een rapport op met de meetresultaten, een duiding van de patronen en een advies over de vervolgstap. Je weet daarna beter of er sprake lijkt van ongelijke zakking en welke vervolgstap passend lijkt.
Het rapport van fase 1 bouwt voort op dat van fase 0. Waar de Quick Scan vooral beschrijft wat er is gezien en welke risicofactoren er spelen, voegt fase 1 meetgegevens toe en legt die naast elkaar. Het rapport bevat doorgaans:
- Een overzicht van de uitgevoerde metingen en de meetpunten.
- De resultaten van onder meer lintvoegwaterpassing, lood- en scheefstandsmeting en vloerveldwaterpassing.
- Foto’s en beschrijvingen van de vastgelegde scheurpatronen.
- Een duiding: passen de gegevens samen in een patroon dat op funderingsbeweging kan wijzen, of niet?
- Een conclusie en advies over de vervolgstap.
Hoe je zo’n rapport leest en wat je er bij aankoop, verkoop of taxatie mee doet, lees je op de pagina over het funderingsrapport.
Een meting laat zien hoe de woning er nu bij staat. Of een zakking nog doorgaat, kun je uit één meting niet afleiden. Daarvoor is herhaling over een langere periode nodig.
Wanneer is fase 1 niet nodig?
Fase 1 is niet nodig als fase 0 geen directe aanleiding voor vervolgonderzoek geeft, of als een andere stap – zoals monitoren of gericht aanvullend onderzoek – beter past bij de vraag.
Een groot deel van de vragen kan al met fase 0 worden beantwoord. MV Funderingsscan adviseert fase 1 alleen als de bevindingen uit de Quick Scan daar aanleiding voor geven. Is dat niet zo, dan krijg je dat ook eerlijk te horen.
Fase 0 kent vier mogelijke uitkomsten. Alleen bij de laatste is fase 1 het directe advies:
Ook als er geen fase 1 nodig is, kun je zelf op een eenvoudige manier signalen volgen: maak een foto van een scheur met een liniaal of meetlint ernaast, noteer de datum en herhaal dat na enkele maanden.
Wat gebeurt er na fase 1?
Na fase 1 kan het advies zijn om te monitoren, nader onderzoek te laten doen zoals een inspectieput, of een herstelplan te laten uitwerken door een gespecialiseerde partij. MV Funderingsscan voert zelf geen funderingsherstel uit.
- MonitorenDe metingen worden na verloop van tijd herhaald, zodat zichtbaar wordt of er nog beweging is. De meting uit fase 1 dient dan als vergelijkingspunt.
- Nader onderzoek met een inspectieputDaarbij wordt de fundering plaatselijk vrijgegraven, zodat de opbouw direct kan worden bekeken. Bij houten palen kan eventueel houtonderzoek volgen. Dit valt buiten fase 0 en fase 1.
- Herstelplan door een specialistWijzen de gegevens op een probleem dat aangepakt moet worden, dan laat je een herstelplan en offerte uitwerken door een gespecialiseerde partij.
MV Funderingsscan is onafhankelijk en voert zelf geen herstel uit. Je krijgt dus een advies dat niet gekleurd is door een eigen herstelbelang. Wil je weten wat herstel in het algemeen inhoudt, lees dan het artikel over funderingsherstel. Houd er rekening mee dat herstel, afhankelijk van type en omvang, tienduizenden euro’s kan kosten. Een concreet bedrag krijg je alleen via een offerte van een herstelspecialist.
Hoe verhouden fase 0 en fase 1 zich tot elkaar?
Fase 0 is het brede vooronderzoek met archief- en bodemonderzoek en een visuele inspectie; fase 1 is het gerichte vervolg met metingen. Fase 1 volgt in de regel als fase 0 daar aanleiding voor geeft.
| Onderdeel | Fase 0 – Quick Scan | Fase 1 – Metingen |
|---|---|---|
| Doel | Risico-inschatting en advies | Signalen met metingen onderbouwen |
| Werkwijze | Archief, bodem en visuele inspectie | Waterpassingen, loodmeting, scheurpatronen |
| Ingreep in de woning | Geen, niet-destructief | Geen, niet-destructief |
| Wanneer | Meestal als eerste stap | In de regel na advies uit fase 0 |
| Prijs | Vanaf €350 | Vanaf €950 |
De twee fasen vullen elkaar aan. Zonder de context uit fase 0 – bouwjaar, vermoedelijk funderingstype, bodemopbouw en grondwater – zijn meetresultaten lastiger te duiden. Daarom begint het onderzoek bij MV Funderingsscan in de regel met de quickscan fundering. Heb je al een recent rapport, dan bespreken we of direct fase 1 zinvol is. Een overzicht van beide fasen vind je ook op de pagina funderingsscan.
Wat kost fase 1 funderingsonderzoek?
Fase 1 kost vanaf €950 inclusief btw, afhankelijk van de woning en de metingen die nodig zijn. Je krijgt vooraf een offerte, zodat de prijs bekend is voordat het onderzoek start.
De spreiding in prijs heeft vooral te maken met de omvang en complexiteit van de woning en met welke metingen in jouw situatie zinvol zijn. Een vrijstaande woning met meerdere gevels en een aanbouw vraagt bijvoorbeeld om meer meetpunten dan een eenvoudige tussenwoning. Ook de doorlooptijd hangt af van de woning en wordt bij de offerte afgestemd.
Omdat fase 1 in de regel volgt op fase 0, ken je de bevindingen en het advies al voordat je beslist. Je kiest dus bewust, op basis van een onderbouwd advies. Een volledig overzicht van de indicatieve tarieven staat op de pagina prijzen.
Begin met de Quick Scan via funderingsscan aanvragen, of stel je vraag eerst via contact. Je kunt ook bellen naar +31 (0) 582037172, op werkdagen tussen 09:00 en 17:00.
