Hoe reken je een meetwaarde om?
Deel de afwijking in millimeters door de lengte in meters: 12 mm over 1 meter is 12 mm/m. Dat is gelijk aan een verhouding van ongeveer 1 : 83, 1,2 procent of 0,69 graden.
Wat betekent mijn meetgegeven?
Vul een afwijking en de lengte of hoogte waarover die is gemeten in. Je ziet dezelfde waarde in andere eenheden.
- Per meter
- 12 mm/m
- Als verhouding
- 1 : 83
- Als percentage
- 1,2%
- Als hoek
- 0,69°
Wat betekent dit?
Een scheefstand van bijvoorbeeld 12 mm/m betekent dat een gevel, wand of vloer over elke meter 12 millimeter afwijkt van de loodlijn of het waterpas. Dat is hetzelfde als een verhouding van ongeveer 1 : 83.
Wat betekent dit niet?
Er is geen universele grens waarboven een waarde “slecht” is. Een meting zegt niets over de oorzaak: oude woningen zijn niet altijd recht gebouwd, en de afwijking kan al decennia oud en stabiel zijn.
Wat kun je nu doen?
Onderzoekers beoordelen meetwaarden in samenhang: met andere metingen, scheurpatronen, bouwjaar, funderingstype en bodem, en met herhaalde metingen als je wilt weten of iets nog verandert. Lees meer over funderingsmetingen.
Waarom is één meetwaarde niet genoeg?
Er is geen universele grens waarboven een waarde “slecht” is. Een afwijking kan bij de bouw zijn ontstaan, al decennia stabiel zijn, of juist nog veranderen. Onderzoekers beoordelen meetwaarden daarom in samenhang.
Ze leggen een loodmeting naast een lintvoegwaterpassing, scheurpatronen, het bouwjaar, het funderingstype en de bodem. Of een woning nog beweegt, blijkt pas uit herhaalde metingen op dezelfde punten. Probeer de metingen zelf in de simulaties op funderingsmetingen uitgelegd, bekijk welke funderingswijzen bij een bouwjaar horen op de bouwjaar-tijdlijn en lees meer over de loodmeting en de zettingsmeting.